Asfalt, milieu en arbeidsomstandigheden
Begrippen als goede arbeids- omstandigheden, hergebruik, kwaliteitsverbetering van bodem, lucht en water en het zuinig omgaan met energie en grondstoffen zijn niet meer weg te denken uit onze maatschappij. Ze vormen dan ook een wezenlijk onderdeel van de milieutaakstellingen van de (asfaltwegen)bouw.
Hierbij wordt veel aandacht geschonken aan de leefomgeving, zowel in de huidige situatie als ook voor de toekomst. Ook de ARBeids- Omstandigheden-wet schept duidelijke randvoorwaarden voor het optimaliseren van de voorzieningen op de werkplek in termen van veiligheid, gezondheid en arbeidsomstandigheden. Naast de milieu- en ARBO-doelstellingen ziet de bedrijfstak zich ook geplaatst voor uitdagingen op het gebied van technische ontwikkeling, internationale harmonisatie en kwaliteitszorg. Deze doelstellingen kunnen alleen worden gerealiseerd in nauw overleg en door samenwerking tussen overheden, opdrachtgevers, ontwerpers en de (wegen)bouwwereld.
Grondstoffen
Asfalt wordt geproduceerd in moderne asfaltfabrieken, en nog steeds met praktisch dezelfde grondstoffen als duizenden jaren geleden al werden gebruikt. Al deze grondstoffen zijn in principe van natuurlijke herkomst, alleen met dìt verschil dat tegenwoordig het bitumen op een kunstmatige manier in olie-raffinaderijen wordt geproduceerd door middel van destillatie van ruwe, speciaal geselecteerde aardolieën.
Deze ruwe olie bestaat voor 50 tot 80% uit bitumen. Bij dit proces van achtereenvolgens verdampen en condenseren worden de vluchtige bestanddelen, zoals benzine en gasolie, uit de aardolie afgescheiden. Tenslotte blijft het zwaarste deel -het bitumen- als reststof over. Bij dit proces worden geen stoffen toegevoegd en worden ook geen nieuwe producten door chemische processen gevormd. Het bitumen is nagenoeg niet vluchtig, het verdampt niet bij normale omgevingstemperaturen en het verweekt geleidelijk bij verhitting. In het asfalt is het bitumen het bindmiddel dat door zijn hechteigenschappen het mineraalaggregaat (steen, zand en vulstof) aan elkaar verbindt. Ook voor deze minerale componenten worden in beginsel materialen toegepast die van nature in de bodem aanwezig zijn.
Veilig
Asfalt bevat dus geen stoffen die schadelijk zijn voor mens en milieu. Het kan zelfs gebruikt worden om milieuproblemen te voorkomen! Bijvoorbeeld door het aanbrengen van een vloeistofdichte asfaltconstructie kan de bodem worden beschermd tegen het indringen van schadelijke stoffen (zoals verontreinigde grond en chemicaliën). Zo zijn spaarbekkens voor de drinkwatervoorziening aan de binnenkant bekleed met asfalt om eventueel verontreinigd grondwater buiten te houden. Het "drinkwater" staat aan de binnenkant gewoon tegen het asfalttalud aan; regelmatige controlemetingen tonen aan dat er geen sprake is van uitloging van schadelijke stoffen. Ook voor de gezondheid van de asfaltwerkers bestaat er geen gevaar. Voortdurende onderzoeken naar de arbeidsomstandigheden bij de productie en verwerking van asfalt ondersteunen steeds weer de aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid dat "werken met asfalt" geen gevaarlijke bezigheid is! Asfalt bestaat dus volledig uit natuurlijke materialen. In sommige gevallen kan echter ook gebruik worden gemaakt van alternatieve grondstoffen.
|
Teer is geen bitumen
Teer en bitumen lijken in eigenschappen en voorkomen op elkaar. Beide zijn donkerbruin tot zwart van kleur, en uitstekende hechtmiddelen. Maar wat betreft herkomst en chemische samenstelling zijn het totaal verschillende materialen. Bitumen ontstaat bij de destillatie van aardolie. Teer wordt verkregen bij de destructieve destillatie van steenkool of hout en bevat zeer hoge concentraties PAK -Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen. Sommige van deze chemische verbindingen zijn schadelijk voor mens en milieu. Om die reden is het gebruik van teer en teerproducten in de asfaltwegenbouw sinds 1991 niet meer toegestaan. In bitumen zijn deze PAK verbindingen slechts in zeer geringe concentraties aanwezig. De concentraties in bitumen zijn een factor 1000 tot 10000 lager dan in teer. Dit betekent dat de concentraties op de werkplek bij het produceren en verwerken van asfalt beneden de geldende grenswaarden blijven en er geen gezondheidsrisico's bestaan. Het asfalt dat vrijkomt bij het reconstrueren of slopen van wegen kan verontreinigd zijn met teer door gebruik in het verleden. Daarom vraagt het hergebruik van dit materiaal bijzondere aandacht. Zowel ten aanzien van het milieu als ten aanzien van de gezondheid van de werknemers zijn door overheid en bedrijfsleven samen regels opgesteld en technieken ontwikkeld om op een verantwoorde manier om te gaan met dit verontreinigde materiaal.
Onderzoek in het kader van het Bouwstoffenbesluit heeft aangetoond dat asfalt ingedeeld kan worden in de zogenaamde "categorie 1 bouwstoffen". Dat betekent dat het materiaal zonder problemen voor de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, het grondwater of het oppervlaktewater kan worden toegepast. Een sprekend voorbeeld is de toepassing van asfalt in de drie- klimaten- kas van de Hortus Botanicus in Amsterdam.
Hergebruik
Een heel belangrijk milieu-aspect is hergebruik. Met elkaar zorgen we ervoor dat het oude glas (zelfs op kleur gesorteerd!), papier, metaal noem maar op weer opnieuw gebruikt kan gaan worden. Het is dus logisch dat ook (bouw)materialen in aanmerking moeten komen om opnieuw te worden gebruikt. Asfalt leent zich hiervoor bijzonder goed. Alle bouwstoffen in asfalt kunnen worden hergebruikt met volledig behoud van hun oorspronkelijke eigenschappen. Zo blijft het bitumen zijn kleefkracht bezitten en blijven de minerale stoffen hun specifieke constructieve functie vervullen.
Asfalt kan dus voor 100% opnieuw als (wegen)bouwmateriaal worden gebruikt. Dat spaart nieuwe grondstoffen en voorkomt dat opslag van oud materiaal steeds meer ruimte in beslag neemt.
|